Oordelen

De troon uit Mattheus 25:31 en de grote witte troon uit Openbaring 20.

In dit artikel willen we stilstaan bij twee plaatsen in de Bijbel waar recht gesproken en vervolgens geoordeeld wordt. Het betreft achtereenvolgens: de troon in Mattheus 25:31 e.v. en de grote witte troon in Openbaring 20:11 e.v. Om de vergelijking tussen de twee “tronen” makkelijk te maken zal ik bij het schrijven steeds uitgaan van de volgende 5 vragen:

Wie verschijnen voor Christus? Wat wordt er geoordeeld? Wanneer vindt dit oordeel plaats? Wie oordeelt? Waar zal het oordeel plaatsvinden?

Door steeds deze vragen te beantwoorden hoop ik te bereiken dat de belangrijkste verschillen tussen de twee “tronen” duidelijker worden.

De troon uit Mattheus 25:31 e.v.

Wie verschijnen voor Christus?

Alle volken, d.w.z. de heidenen, die op dat moment op aarde leven zullen zich voor Hem verzamelen. Het betreft hier (Matth. 25:31) gelovigen én ongelovigen. Dit oordeel heeft géén betrekking op de gelovigen die tot de gemeente behoren, dat oordeel heeft al plaatsgevonden. In een ander artikel zal ik hier D.V. verder op ingaan. Het oordeel heeft ook géén betrekking op het joodse volk. Het joodse volk heeft de oordelen van de grote verdrukking dan reeds ondergaan. Hierover wordt o.a. in Mattheus 24 gesproken.

Dat het de volken betreft blijkt uit vers 32 van Mattheus 25 “En al de volken zullen voor Hem verzameld worden”. Alle mensen op aarde zullen zich moeten verzamelen voor de “troon Zijner heerlijkheid”. De mensen zullen worden verdeeld in twee groepen. De ene groep zal worden opgesteld aan Zijn rechterhand, dit zijn de rechtvaardigen, zij worden aangeduid als de schapen. De andere groep zal worden opgesteld aan Zijn linkerhand, zij worden de bokken genoemd.

Zie ook Joël 3:2 “...zal Ik alle volken verzamelen en afvoeren naar het dal van Josafat, en Ik zal aldaar met hen in het gericht treden ter oorzake van mijn volk en van mijn erfdeel Israël, dat zij onder de volken verstrooid hebben, terwijl zij mijn land verdeelden”.␣

In het o.t. komen we dit oordeel o.a. nog tegen in: Joël 3 vers 12 en Jesaja 13:11. In de profetie van Joël wordt ook de plaats genoemd waar recht gesproken zal worden, dit is het dal van Josafat.

Wat wordt er geoordeeld?

Bepalend zal zijn hoe men zich gedragen heeft ten opzichte van “de broeders”.

Matth. 25: 40 “En de Koning zal hun antwoorden en zeggen: Voorwaar, Ik zeg u, in zoverre gij dit aan een van deze mijn minste broeders hebt gedaan, hebt gij het Mij gedaan”. Met “de broeders” wordt het gelovige deel van het joodse volk bedoeld. De Here Jezus was Zelf van joodse afkomst, de joden waren dus in letterlijke zin Zijn broeders. In dit gedeelte identificeert Hij Zich volkomen met de joodse gelovigen: “wat u aan de minste broeders hebt gedaan hebt u aan Mij gedaan”. Iets dergelijks vinden we ook terug als Paulus op weg is naar Damascus en hij een ontmoeting heeft met de Here Jezus. De Here Jezus vraagt hem dan: “Saul, Saul waarom vervolg je Mij”. Paulus vervolgde de christenen, maar we zien dat de Here Jezus Zich volkomen één maakt met de gelovigen door te zeggen waarom vervolg je Mij?

We moeten bedenken, dat het in dit gedeelte gaat om de houding van de mensen ten opzichte van het gelovige deel van het joodse volk in de periode die de grote verdrukking wordt genoemd. Deze joodse gelovigen zullen in de hele wereld het evangelie van het Koninkrijk (1000 jarig Vrederijk) verkondigen. Matth. 24:14 “En dit evangelie van het Koninkrijk zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken, en dan zal het einde gekomen zijn”. Het zal een zeer moeilijke periode zijn voor de gelovige joodse mensen,

waarbij men niet zal kunnen kopen en verkopen zonder het teken van het beest. Dat betekent dat mensen die bereid zijn de gelovige joodse mensen te helpen enorm grote risico’s nemen. Risico’s die hen het leven kunnen kosten. Deze mensen zullen de echtheid van hun geloof tonen door hun werken. Deze mensen, de schapen aan de rechterhand, zullen zeker geloven in het offer van de Here Jezus, want “zonder geloof is het onmogelijk Hem te behagen” (Hebr. 11:6).

Wanneer vindt dit oordeel plaats?

Dit oordeel over de volken zal plaatsvinden ná Zijn wederkomst op aarde en vóór het begin van het 1000 jarig Vrederijk. Voor de duidelijkheid: eerst zal de opname van de gemeente plaatsvinden. De Here Jezus komt Zijn gemeente halen, Hij zal niet op aarde komen, de gelovigen zullen Hem tegemoet gaan in de lucht (1Thess. 4: 13 e.v.). Dan zal het oordeel voor de rechterstoel van Christus plaatsvinden, daarna zal de periode aanvangen die de grote verdrukking wordt genoemd. Aan het einde van deze periode van ca. 7 jaren komt de Here Jezus terug op aarde en dan zal Hij de volkeren verzamelen:

Mattheus 25:31 “Wanneer dan de Zoon des mensen komt in zijn heerlijkheid en al de engelen met Hem, dan zal Hij plaats nemen op de troon zijner heerlijkheid”. Dat het niet gaat om de opname van de gemeente blijkt uit het feit, dat Hij zal komen in heerlijkheid, dat wordt nooit gezegd over Zijn komst om de gemeente te halen. Een ander verschil is, dat de opname in een “oogwenk” (1Thess 4:13 e.v.) zal plaatsvinden, terwijl bij de wederkomst uit Mattheus 24 iedereen Hem zal zien komen. Een derde verschil met de opname is, dat Hij bij de wederkomst op aarde zal komen, ten tijde van de opname zullen de gelovigen Hem tegemoet gaan in de lucht.

Wie oordeelt?

De Rechter is de Here Jezus Christus.

Dat Hij zal oordelen blijkt heel duidelijk uit Matth. 25:31 “Wanneer dan de Zoon des mensen komt in zijn heerlijkheid en al de engelen met Hem, dan zal Hij plaats nemen op de troon zijner heerlijkheid”. De Zoon des mensen is Hij, Die geboren werd uit de maagd Maria.

Overigens zullen wij, als n.t. gelovigen mét Hem verschijnen als Hij naar de aarde komt. Zie Zacharia 14:14 “alle heiligen met Hem”. 1 Cor. 6:2 “Of weet gij niet, dat de heiligen de wereld zullen oordelen?”. De gelovigen van de gemeente zijn tijdens de opname de Here tegemoet gegaan in de lucht en zullen mét Hem terugkomen op aarde om te oordelen.

Waar zal het oordeel plaatsvinden?

Dit oordeel zal plaatsvinden op aarde, in het land Israël en nog specifieker in het dal van Josafat, Joël 3:2 “... zal Ik alle volken verzamelen en afvoeren naar het dal van Josafat, en Ik zal aldaar met hen in het gericht treden ter oorzake van mijn volk en van mijn erfdeel Israël, dat zij onder de volken verstrooid hebben, terwijl zij mijn land verdeelden”.␣

Josafat betekent overigens 'de HEERE richt'.

Het oordeel voor de grote witte troon, Openbaringen 20: 11 e.v.

Wie verschijnen voor Christus?

De tekst uit Openbaringen 20 vers 5 geeft dit duidelijk aan. Het betreft de “doden”. Vers 12 “En ik zag de doden, de groten en de kleinen, staande voor de troon” Alle ongelovigen, van alle tijden, zullen moeten verschijnen voor de grote witte troon.

Openb. 20 vers 13 “En de zee gaf de doden, die in haar waren, en de dood en het dodenrijk gaven de doden, die in hen waren, en zij werden geoordeeld, een ieder naar zijn werken”. Ieder mens, die niet heeft geloofd zal komen te staan voor de grote witte troon. Ook al heeft men zich laten cremeren en de as boven zee laten uitstrooien, toch zal men geoordeeld worden. De groep mensen, zoals beschreven in Openb. 21:4 betreft de gelovigen, over hen zal de tweede dood geen macht hebben. De tweede dood is “de poel des vuurs”, Openb. 21:14. Dit is de plaats waar de ongelovigen de eeuwigheid zullen doorbrengen. Het is de plaats waar God volkomen afwezig zal zijn, dit in tegenstelling tot de plaats waar de gelovigen zullen zijn. De gelovigen zullen “voor altijd met Hem zijn”. Wij zullen voor eeuwig zijn bij Hem Wiens liefde wij hebben gezien op het kruis van Golgotha. Hij was van God verlaten, in ónze plaats, dankzij Hem zullen wij nooit meer gescheiden worden van de liefde van God.

In Genesis 2:17 zegt de Here: ”maar van de boom der kennis van goed en kwaad, daarvan zult gij niet eten, want ten dage, dat gij daarvan eet, zult gij voorzeker sterven”. Letterlijk staat er “ stervende zult gij sterven”. Het eerste sterven heeft plaatsgevonden in het paradijs, door de zonde werd de mens gescheiden van God. Als we geboren worden zijn we, omdat we als zondaren worden geboren, dood voor God, Ef. 2:5 “ hoewel wij dood waren door de overtredingen”. Van het tweede sterven, of de tweede dood, is sprake als de doden voor eeuwig worden geworpen in de poel des vuurs.

Wat wordt er geoordeeld?

De werken van de ongelovigen zullen hier worden geoordeeld.

“Wie de Zoon heeft, heeft het leven en Wie de Zoon van God niet heeft, heeft het leven niet”(1Joh. 5:12). Deze groep doden was gedurende hun aardse leven al dood voor God, omdat ze het offer van de Zoon niet hebben aangenomen. Bij het oordeel van deze groep gaat het dus niet om de vraag van het eeuwige leven of de eeuwige dood, maar veel meer om de maat van hun straf. Zoals er bij de gelovigen, op grond van hun werken, verschil zal zijn in “beloning” zo zal er bij de ongelovigen verschil zijn in de mate van straf. Openb. 21:12 “en de doden werden geoordeeld op grond van hetgeen in de boeken geschreven stond, naar hun werken”. Al de daden van de ongelovigen, de doden, zijn vastgelegd in de boeken. “En wanneer iemand niet bevonden werd geschreven te zijn in het boek des levens, werd hij geworpen in de poel des vuurs”.

Wanneer vindt dit oordeel plaats?

Dit oordeel zal plaatsvinden ná het 1000 jarig Vrederijk. Dat dit oordeel na het 1000 jarig vrederijk plaats zal vinden blijkt het duidelijkst uit vers 5 van Openb. 21 “De overige doden werden niet weder levend, voordat de duizend jaren voleindigd waren. Uit de verzen 4 en 5 blijkt dan ook dat er twee opstandingen zijn. Johannes 5: 29 “en zij zullen uitgaan, wie het goede gedaan hebben, tot de opstanding ten leven, wie het kwade bedreven hebben, tot de opstanding ten oordeel”.

De opstanding ten leven vindt plaats vóór het 1000 jarige rijk en de opstanding ten oordeel ná het Vrederijk. De eerste opstanding zal gefaseerd plaatsvinden, 1 Cor. 15:23 “Maar ieder in zijn eigen rangorde: Christus als eersteling, vervolgens die van Christus zijn bij zijn komst”. De eerste opstanding vindt plaats vóór het duizendjarig vrederijk en betreft de gelovigen van alle tijden. De tweede opstanding vindt plaats ná het Vrederijk en betreft de ongelovigen van alle tijden.

Wie oordeelt?

De Here Jezus zal oordelen.

In Openb. 21 vers 11 staat: “En ik zag een grote witte troon en Hem, die daarop gezeten was, voor wiens aangezicht de aarde en de hemel vluchtten, en geen plaats werd voor hen gevonden”. De vraag is Wie wordt bedoeld met Hem, die daarop gezeten was. Dit wordt duidelijk als we Johannes 5 vers 22 lezen “Want ook de Vader oordeelt niemand, maar heeft het gehele oordeel aan de Zoon gegeven”. De Rechter op de verschillende “tronen” is steeds de Zoon, de Here Jezus Christus.

Waar zal het oordeel plaatsvinden?

Dit oordeel zal plaatsvinden in de hemel.

We lezen weer vers 11 “En ik zag een grote witte troon en Hem, die daarop gezeten was, voor wiens aangezicht de aarde en de hemel vluchtten, en geen plaats werd voor hen gevonden”. De aarde en de hemel vluchtten. De Here woont in de hemel der hemelen, de derde hemel (2 Cor. 12:12). Naar alle waarschijnlijkheid zal dit oordeel dus plaatsvinden daar waar God woont, in de hemel der hemelen.

Na dit oordeel zal de tijd aanbreken van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde, Openb. 22:1 ”En ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde; want de eerste hemel, en de eerste aarde was voorbijgegaan, en de zee was niet meer”. Vanaf dit moment zal God alles in allen zijn, zoals het is geschreven in 1 Corinthe 15:28 “En wanneer Hem alle dingen zullen onderworpen zijn, dan zal ook de Zoon Zelf onderworpen worden Dien, Die Hem alle dingen onderworpen heeft, opdat God zij alles in allen”.

De gelovigen die tot de gemeente behoren zullen dus niet worden geoordeeld voor een van de hierboven genoemde tronen. Dit komt, omdat de zonden van deze gelovigen, waar wij ook toe behoren, reeds zijn geoordeeld op het kruis van Golgotha. Dit blijkt duidelijk uit bijvoorbeeld 2 Cor 5: ...????????

In een volgend artikel zullen we stilstaan bij de rechterstoel van God of de rechterstoel van Christus. Dit is de plaats waar de daden en motieven waarom we bepaalde dingen hebben gedaan openbaar zullen worden. Het karakter van deze rechterstoel is dus totaal anders dan van de hierboven beschreven oordeelstronen. Voor de rechterstoel van God zal ons enerzijds ten diepste duidelijk worden hoe zondig en ik gericht we zijn, anderzijds zal hierdoor ons besef over de liefde, het geduld en de genade van de Heer volkomen zijn.